Boekrecensies vanuit christelijk perspectief

11024

Leven met de Beminde

Auteur

Type boek

Recensie

Datum

Waardering

Holvast, Agnes

Levensverhaal

Frea Kroese

28-05-2011

4 out of 5 stars

BESTEL

Recensie

Verschillende gevoelens komen in me op bij het lezen van het levensverhaal van Agnes Holvast. Ik voel me bevoorrecht en soms jaloers, vervreemd en soms geroepen om met haar te willen praten. Ik ben nieuwsgierig hoe haar leven af gaat lopen, of hoe ze het nu doet, nu haar kinderen bijna of al tieners zijn. Ik zou wel in gesprek willen gaan, maar ben bang dat er geen klik ontstaat. Ik ben geen arme of onbeschermde en ik zit, door wat God in mijn leven heeft gedaan ergens op een verre parallelle koers, waarvan ik niet zie dat die van haar noch die van mij elkaar ergens zouden ontmoeten.

Agnes is vooral eerlijk en oprecht, maar sommige dingen ziet ze anders dan ik. Dat is een verbazingspunt voor mij. Ze schrijft over de pijn van het leven dat die is als de messen van de ploeg die in de harde aarde slaan om haar zacht en vruchtbaar te maken. Pijn en de afwezigheid van troost helpen je op weg op om dieper niveau genezing te vinden. Deze zin vind ik kenmerkend voor Agnes' levensfilosofie en levensloop. Zij ziet op de positieve uitwerking die pijn in het leven kan hebben en verwoordt die als door haar omhelsd. Ik mis dan die andere kant van pijn. Pijn kan ook een negatieve uitwerking in iemands leven hebben en zeker niet helpen om genezing te vinden. Die pijn bewerkt juist verharding en blijvende verwonding, als een betonplaat op je borst. Door heel het boek heen ziet Agnes negatieve dingen in haar leven en in haar hart als opstapjes tot een leven dat na vele jaren dienstbaar is geworden aan mensen die het niet goed hebben, of niet goed hebben gedaan in hun leven. Dat proces beschrijft ze tot in detail. Haar zoektocht naar het goddelijke, het licht, dat volgens Agnes toch vooral te vinden is in de hele schepping. In haar boek komt God niet duidelijk naar voren als een persoon, maar meer als verschijnsel, als schepsel zelf. Ze is daarin niet consequent en noemt God even makkelijk ook een persoon. Op haar zoektocht leest ze veel spirituele boeken. De Bijbel is er een van. Toch lees ik bij haar niet een bewustwording van wat Jezus heeft gezegd: Ik ben de Weg. Volgens Agnes is het mogelijk om een religieuze te zijn, heilig te worden (wat dat dan ook inhoudt), via de brede weg van allerlei invloeden door allerlei godsdiensten.

Een mooie omschrijving van "de overgave" (aan wat en aan wie overgave?) die ze beschrijft is: omdat ik mijn weerstand liet varen, kon de genade toeslaan. Toch is dit ook weer een eenzijdige benadering. Nergens neemt God het initiatief in haar leven. Zij is degene die steeds stappen 'naar het licht' zet. Maar dan komt het gevoel er ook overweldigend achteraan, vaak ervaart ze een liefde, waardoor zij zich omarmd en bemind voelt als nooit tevoren. Dit is waar ze ten diepste naar streeft: totaal gelukkig zijn. En dat wordt ze door de Jezus-in-haar, die haar innerlijke leraar is en haar helpt dat geluk te vinden. Ze schrijft van een bepaald moment in het klooster: het was alsof mijn ziel het landschap was, en het landschap en mijn ziel, en God was beide. Hier haak ik volkomen af. God is de schepper van het landschap zowel als van mijn ziel, wij blijven schepsels, en Hij is de volkomen andere. Hij wilde mij redden van mijn zonde en schuld, en Hij heeft dat gedaan door Jezus naar de aarde te zenden, die aan het kruis is gestorven en opgestaan uit de dood. Hierdoor vind ik mijn geluk, mijn redding, mijn leven.

Aan een kant heb ik erg genoten van sommige uitspraken, bijvoorbeeld: "hoe kleiner je bent, des te beter je gedragen kunt worden". Hiervan kan ik heel erg genieten en over nadenken. Maar als ze schrijft over een vrouw ergens in de geschiedenis, dat zij nog voor haar dood 'heilig' is geworden, dan kan ik een glimlach niet onderdrukken. Welk begrip heeft Agnes van het woord 'heilig'? Volgens mij staat er duidelijk in de Bijbel dat God ons heeft overgebracht van de duisternis in het licht, we zijn afgezonderd, we zijn heilig. We worden het niet, we zijn het, zodra we geloven dat Jezus voor onze zonden is gestorven aan het kruis en uit de dood is opgestaan. Agnes schrijft: het enige dat me hielp om het licht te vergroten en het duister te laten afnemen is geduld, zachtheid, wakkerheid en bewustzijn. Hier voel ik een grote pijn in mijn hart om wat zij ondanks alle jaren in het klooster niet gelezen heeft in de Bijbel: de Heilige Geest werkt in ons leven deze prachtige dingen uit en dringt ons om de vrucht van het geloof uit te dragen, dat doen wij niet zelf, en we bewerken ook het licht zelf niet. Agnes geeft niet de eer aan Jezus, die de overwinning over het duister heeft behaald, zij schrijft die overwinning zelf te behalen door eigen inspanning.

Omdat het haar eigen ervaringen, haar eigen authentieke leven is, lijkt het of je dit boek kritiekloos moet lezen. Niets is minder waar. Alles mogen we toetsen en tegen het licht van Gods woord houden. Ze schrijft over gebed, dat als wij vertrouwen dat we gehoord worden, er wonderen gebeuren. Maar er achter aan: je weet nooit zeker of en hoe het gebeurd is. Die behoefte aan zekerheid moeten we loslaten. Ik word hier heel sceptisch van. In de Bijbel baden veel mensen op verschillende manieren en bij sommige mensen gebeurden er metterdaad wonderen. Bij anderen niet. Het is aan God om de wonderen te doen en in Hem hebben we de zekerheid dat als Hij ons roept om zijn woord uit te spreken over een situatie, Hij hierin meewerkt ten goede.

Het klooster helpt Agnes niet echt in het vinden van de Weg, die in Christus is, de weg van verlossing van zonden, heiliging tot een rein leven en dankbaarheid. De zusters van het klooster roepen engelen en heiligen aan alsof het goden zijn, die iets voor hen kunnen doen. Dit druist regelrecht in tegen de Bijbelse boodschap waarin duidelijk staat dat God zijn engelen zendt om de gelovigen te dienen.

Een markante overtuiging is die over gehoorzaamheid. Agnes zegt dat bij gehoorzaamheid altijd het eigen geweten eerst komt, als het tegen je gevoel in gaat moet je het niet doen. Het karakter van gehoorzaamheid is juist dat je het bevel van de ander boven je eigen gevoelens zet en de autoriteit eert door te doen wat deze zegt. Ik ben er van overtuigd dat deze overtuiging een element is dat er voor zorgt dat je eigenwilligheid juist niet aflegt, en niet Gods weg kan gaan, omdat je eigen ik je belemmert in het doen van Gods wil. Deze overtuiging werkt voor mij bevreemdend in de beschrijving van het gehoorzame leven van een non. Zo is steeds duidelijk dat Agnes selectief omgaat met de woorden die in haar leven gezongen, gesproken of gelezen worden. Ze doet er mee wat zij graag wil. En als ze verderop schrijft dat een crimineel wezenlijk onschuldig is, dan bevestigt dat voor mij de selectieve toepassing van haar studies. In Romeinen 3 staat toch heel duidelijk dat allen gezondigd hebben en dat we allemaal de heerlijkheid van God missen. Zij schrijft ook dat de relatie met deze crimineel te heftig en te ingewikkeld werd om voortgezet te kunnen worden, maar zij werkt dit niet uit. Jammer, dit wekt bij mij juist nieuwsgierigheid. Wat betekende dat voor haar? Hoe is deze criminele familie echt geholpen, of niet geholpen? Waarom kon de kerk daarin niet verder? Wij zijn toch gezanten van Christus?

Uiteindelijk vindt Agnes haar bestemming. Ze wordt de vrouw van een man en krijgt twee kinderen. Ze zegt dat ze geleerd heeft dat niemand slecht is in de ogen van God. Daar spreekt God zelf toch wel anders over, na de ongehoorzaamheid in het Paradijs. Jammer, dat ze niet geleerd heeft, dat ieder mens gered kan worden van de zonde, en dan in afhankelijkheid van God kan kiezen om het goede te doen. De straf voor onze slechtheid is gedragen door God zelf, maar dat wil niet zeggen dat we het meteen goed doen. Het is een weg aan zijn hand, een weg van belijden en wegdoen van de zonde. Van beamen en aandoen van de goede dingen.

De titel van dit boek dekt niet de lading. De Beminde is Agnes zelf, zij heeft leren leven met zichzelf. Zij heeft richting gevonden, maar het is niet de richting die de Bijbel aangeeft als Weg naar Gods hart, ook al noemt Agnes dat wel zo. Dit boek is een boek zonder de diepe rouw over het foute gedrag dat we doen, zonder het verzoenende werk van Jezus Christus.

Ik geef het boek vier sterren, maar zou het niemand aanraden om te lezen, zeker niet mensen die niet goed thuis zijn in de Bijbel en zelf op zoek zijn naar God. Agnes doet aan vermenging en verwarring, ze zoekt beleving en emotie.

Jouw waardering

Like en deel deze recensie:



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.