Boekrecensies vanuit christelijk perspectief

202829

Eén kudde

Auteur

Type boek

Recensie

Datum

Waardering

Kooijman, Jan-Kees

Theologie Vroege kerk analyse

Sandrina Wijnholds

6-1-2026

4 out of 5 stars

 

BESTEL

Recensie

In dit boek, een bewerking van zijn proefschrift, onderzoekt Jan-Kees Kooijman hoe Johannes 10:16 werd uitgelegd door vroeg christelijke kerkvaders in de eerste vijf eeuwen na Christus: "Ik heb nog andere schapen, die van deze stal niet zijn; deze moet Ik ook toebrengen; en zij zullen Mijn stem horen; en het zal worden één kudde en één Herder."

Kooijman schetst kort de ontwikkeling van de herdermetafoor vanaf het Oude Nabije Oosten, via het Eerste en Tweede Testament. De historische achtergrond blijft summier en er wordt van de lezer ook enige voorkennis verondersteld. Namen als Cyrillus of Chrysostomus worden geïntroduceerd maar niet uitvoerig toegelicht. Enig begrip van de context van de Vroege Kerk is echter wel noodzakelijk om de exegese goed te kunnen plaatsen.

Kooijman onderscheidt vijf perspectieven in de vroeg christelijke uitleg: eenheid tussen Joden en heidenen in Christus, uitbreiding van het heil onder de heidenvolken, eenheid binnen de christelijke gemeente, Christus als Eigenaar van de kudde, en eschatologische eenheid tussen verschillende bedelingen.

De erfenis en rijkdom van de Vroege Kerk wordt helder belicht. Schrijvers als Clemens van Alexandrië en Tertullianus komen aan bod, waarbij Augustinus verreweg de meeste aandacht krijgt. Het boek daagt uit tot reflectie op overeenkomsten en verschillen tussen de kerk van toen en nu. Ook vandaag is eenheid een belangrijk thema. We kunnen van de kerkvaders leren hoe zij de Schrift gebruikten voor het formuleren van standpunten. Het kan het bewustzijn op missiologisch, pastoraal en kerkelijk terrein verdiepen.

Wat bindt ons samen als kerk? Hoe verhouden verschillende gelovigen zich tot elkaar? Wat betekent Christus' herderschap concreet voor ons als gelovige? Een kritische kanttekening bij de inhoud is dat de nadruk op eenheid mogelijk meer een wens is die voor de hedendaagse theologie verder weinig wordt uitgewerkt. Kooijman lijkt de eenheid waar de Vroege Kerk over sprak gelijk te trekken met eenheid voor vandaag, waarbij verschillen dreigen te marginaliseren. Juist voor de kerk van vandaag kunnen deze verschillen in alle veelkleurigheid ook de veelzijdigheid van de kerk laten zien. Enige nuancering en duiding tussen de tijdsperiodes van de Vroege Kerk en de hedendaagse kerk had het boek mogelijk meer kunnen verrijken.

Het taalgebruik is formeel en traditioneel-theologisch. De scope is bewust beperkt: de diepte gaat echter wel ten koste van de breedte. Het boek ademt de systematische opbouw van een academisch onderzoek, wat het geheel vrij droog maakt. De kerkvaders komen met lange citaten aan het woord, waardoor het boek niet sprankelt maar soms langdradig wordt.

De nuanceverschillen tussen de verschillende kerkvaders zijn regelmatig zo klein dat er inhoudelijke herhalingen ontstaan. Als proefschrift is dit begrijpelijk, maar het zou voor dit boek sterker zijn geweest als meer aandacht was besteed aan een pakkend betoog. Ook de samenvattingen na elk deel versterken dit effect omdat hierin alle inhoud opnieuw besproken wordt. 

Voor studie is het een goed leesbaar werk. Voor predikanten en voorgangers biedt het waardevolle perspectieven voor de verkondiging.

Jouw waardering

Like en deel deze recensie: