Toen haar ouders gingen scheiden, moest Ariadne tegen haar wil met haar moeder mee naar Athene, samen met haar broer en pleegbroer. Daar werden ze streng opgevoed door hun moeder en diens vader, een tirannieke man.
Nu ze zestien is vlucht ze met haar pleegbroer naar Korinthe, waar haar vader woont. Ze heeft altijd geweten dat hij een geheim met zich meedroeg. Ze komt erachter dat hij een dief is. Maar geen gewone dief, hij wordt ‘de eerbare dief’ genoemd omdat hij steelt van rijke, slechte mensen. Ariadne besluit hem te helpen.
Intussen worstelt pleegbroer Theo met het feit dat hij nooit officieel geadopteerd is. Hij is namelijk te vondeling gelegd en gevonden door Ariadnes vader. Die nam hem mee naar huis maar haar moeder was het er niet mee eens. Ariadnes broer komt ook af en toe naar Korinthe en op een keer neemt hij Paulus mee, die het evangelie verkondigt. Haar vader besluit om te stoppen met stelen maar Ariadne gaat ermee door.
Hoewel ze Paulus graag mag en met hem bevriend raakt, zet ze vraagtekens bij zijn boodschap. Dan komt ze erachter dat ze altijd alleen aan zichzelf heeft gedacht en altijd haar eigen zin wilde doen.
Tijdens het lezen waan je je in het oude Griekenland. Enige humor komt er ook in voor zoals de uitroep van verbazing: ‘Bij de oogbollen van Zeus’.
Een boeiende roman die het leven in de tijd van Paulus goed weergeeft. De auteur heeft goede research gedaan.
Geef een reactie